In gesprek met wielercoach Stefan van Klink

Je bent een fanatieke wielrenner, maar hoe bereid je je voor op het nemen van die extra stap om in drie dagen 900 kilometer weg te trappen? We spraken er over met Stefan van Klink, oprichter van Better Cycling, dat wielrenners helpt met op maat gemaakt trainingsschema’s. Uiteraard heeft Stefan zelf ook de nodige wielerervaring, en is hij tevens begeleiding van zijn eigen wielerploeg.

Welke trainingsdoelstellingen zie je veel terug bij wielrenners?
Dat loopt heel erg veel uiteen. Je merkt wel dat, zowel bij wedstrijdrenners als bij recreanten, de trainingsdoelen in 2020 zijn verschoven van evenement-gerichte doelen naar procesdoelen. In een normaal jaar, wanneer de agenda vol staat met evenementen, merk je wel dat men het liefst naar zo’n evenement toewerkt. Vaak werkt dat ook het effectiefste, want dat maakt namelijk dat je makkelijker kan periodiseren.

Stefan van Klink (rechts op de foto)

Welke misvattingen zie je als het gaat om het voorbereiden op wieler-uitdagingen?
Zeker onder recreanten merk je dat men het liefst altijd zo hard mogelijk wil trainen. Het doel van de training is vaak gewoon helemaal kapot zitten aan het eind van de dag, omdat dat het meeste voldoening geeft. Dat is echter niet de meest effectieve manier van trainen, want juist het aanbrengen van variatie tussen rustige en intensieve trainingen helpt enorm. Daarnaast is het belangrijk om een duidelijk doel voor ogen te hebben bij de training, want dat maakt dat je veel meer resultaat uit je training kan halen.

Regelmatig een lange trainingsronde maken is nog iets anders dan 300 km op één dag fietsen. Hoe pas je je voorbereiding daar op aan?
Zo’n tocht van 300 kilometer is een enorme klap op je lichaam, en daarmee is het ook een hele lastige inspanning om je lichaam goed op voor te bereiden. Voorafgaand regelmatig 300 kilometer gaan trainen is immers ook waanzin.

Het belangrijkste in deze voorbereiding is dat je jezelf hier uitgebreid te tijd voor geeft. Dit zijn geen tochten waar je in een paar weken naartoe traint en het hebben van een sterke conditionele basis scheelt hier heel erg veel. Daarnaast kun je je met tochten van 150 kilometer goed voorbereiden op deze tochten, omdat ook dit al een behoorlijke aanslag op je lichaam is. Hierbij geldt dan wel de regel “Je traint niet tot je het kan, maar tot het niet meer fout gaat.” Zo’n tocht van 150 kilometer moet als makkelijk aan gaan voelen. Nog steeds zal dan 300 kilometer echt wel een uitdaging zijn, maar dan ga je de eindstreep wel halen.

Natuurlijk vervangt dit allemaal het daadwerkelijk doorleven van de ervaring niet. Als je zo’n tocht al eens gedaan hebt, is het de tweede keer altijd makkelijker.

Wanneer een ervaren marathon-fietser vooral geïnteresseerd is in het verbeteren van zijn snelheid/eindtijd, waar moet hij dan op letten?
Marathon-fietsen is een hele specifieke tak van de sport. Het belangrijkste om te beseffen is dat je er meer tijd voor nodig hebt om hier goed in te worden. De piekleeftijd van een marathon-fietser ligt dan ook hoger dan dat het bij bijvoorbeeld een sprinter in het wegwielrennen ligt. Het is ervaring dat hier het meeste helpt, want je lichaam moet namelijk meerdere malen die klap van de inspanning krijgen om het goed in het systeem op te nemen.

De impact die dit soort zware tochten hebben is groot. Daarom is het vooral belangrijk om dit niet te vaak in een jaar te doen, want je lichaam moet goed kunnen herstellen van zo’n tocht. Die hersteltijd is langer dan na een normale training, en wat dat betreft kun je het een beetje vergelijken met hardlopen. Sprinters lopen veel wedstrijden in een jaar, terwijl marathonlopers er slechts een paar uitkiezen.

Als marathon-fietser zou ik mij in mindere mate druk maken over de snelheid. Natuurlijk zijn bloktrainingen enorm nuttig, maar het belangrijkste is dat je lichaam om leert gaan met de uitputting. Hoe beter dat in je systeem zit, hoe makkelijker het zal gaan. Dan ga je automatisch ook sneller kunnen fietsen.

Welke andere factoren hebben, naast training, ook een belangrijke invloed op je resultaat?
Nog meer als in een andere tak van de sport is de verzorging om de sport heen van cruciaal belang. Voeding staat hier vanzelfsprekend op nummer één, want als je 300 kilometer fietst verbrand je ontzettend veel calorieën. Dat zorgt ervoor dat je tijdens de tocht goed moet eten, maar vooral ook voorafgaand aan de tocht.

Daarnaast zijn factoren als slaap en rust van enorme meerwaarde. Zodra je van de fiets af stapt wil je goed kunnen herstellen. Belangrijk is daarbij dat je niet al te veel meer zelf moet willen regelen. Als je 300 kilometer hebt gefietst moet je bijvoorbeeld niet meer zelf willen koken. Juist even goed voor jezelf laten zorgen kan het verschil maken tijdens zo’n meerdaagse tocht.

Train jij al met Fondo?
Stefan van Klink is naast oprichter van Better Cycling ook actief als talentcoach voor Fondo, de trainingsapp van de KNWU. Met Fondo train je flexibel en doelgericht voor je volgende uitdaging, zoals Chasin’ the Sunset. Meer informatie vind je op www.knwufondo.nl.